zaterdag 26 januari 2013

wetenschap

een interessant stuk in de volkskrant vandaag, over eetstoornissen. ik vind het altijd heel troostend om wetenschappelijke dingen over mijn ziekte te lezen. op die manier lijkt het echter en minder iets wat ik mezelf aandoe. de stelling van anton scheurink, neuro-endocrinoloog, is dat anorexia en obesitas dezelfde biologische wortels hebben. ik ben er van overtuigd dat hij gelijk heeft, net als dat ik geloof dat anorexia veel overeenkomsten heeft met andere verslavingen. iets doen terwijl je weet hoe slecht het voor jou en je omgeving is lijkt mij in dit opzicht het meest essentieel. een van de onderzoeken die scheurink aanhaalt is het experiment met ratten die sterk vermagerd waren door ondervoeding. in tegenstelling tot wat je zou verwachten werden zij door de ondervoeding juist hyperactief in plaats van sloom en bleven ze eindeloos rennen in hun loopwiel. uit de metingen blijkt dat door het bewegen de beloningsstof dopamine vrijkomt, waardoor de rat dus een kick krijgt van het rennen. en dat werkt verslavend: de ratten renden steeds vaker en sneller naarmate ze minder te eten kregen en werden steeds magerder waardoor ze nóg meer hyperactief werden. een neerwaartse spiraal dus, net als bij een drugs- of alcoholverslaving. hoewel ik geen voorstander, of tegenstander zelfs, ben van dierproeven vind ik dit soort uitkomsten heel troostend. en verklaart het mijn gedrag, in ieder geval ten dele, toen mijn gewicht zo laag was. zoals scheurink zelf zegt: met mijn proefdieronderzoek zeg ik eigenlijk dat anorexia nervosa een verslaving is met neurobiologische oorzaken. tekenend voor de heersende opvatting over eetstoornissen is echter wel de vraag van de journalist: maar veel meisjes beginnen toch met afvallen omdat er zo'n slank modebeeld heerst? jezus. dit soort vragen sterken mijn idee dat er belachelijk weinig kennis is over eetstoornissen. zeker van een journalist van de volkskrant had ik iets meer verdieping en kennis verwacht. behalve een teleurstelling ook wederom een belediging van mijn intellect, als ik het zo mag zeggen. dat anorexia een zeer gecompliceerde ziekte is, blijkt wel uit de resultaten van de experimenten. er bestaat gewoonweg niet één soort anorexia, dat maakt de behandeling ook ingewikkeld. wel heel fijn dat er slimme mensen als anton scheurink zijn die zich bezighouden met de wetenschappelijke kant van eetstoornissen, in plaats van het gezweef waar ik persoonlijk niets mee heb. duidelijk is in ieder geval dat het een ingewikkelde ziekte is, en geen uit de hand gelopen schoonheidsideaal. tenminste, ik mag hopen dat dat nu wel eens duidelijk is.

maandag 21 januari 2013

cashew

cashewnoten zijn behalve een van de lievelingsdingen van mijn vader, ook een heel goed kookingrediënt. voor veganisten als vervanging van sommige soorten zuivel in bijvoorbeeld cheesecake. ga voor de gezondheidsvoordelen wel voor de ongebrande, ongezouten variant trouwens.

een van de dingen die ik met cashews maakte was deze cashewcrème. gewoon lekker. bij salades, met brood als borrel, op brood, als basis voor op een quichebodem, of zo, met een lepeltje. 

pureer een cup cashews met een cup witte bonen, lekkere olijfolie, wat mosterd, citroensap en peper en zout

(die cups in recepten stonden me altijd nogal tegen, tot ik bedacht dat het niet zo veel uitmaakt wat de precieze hoeveelheid is, zolang de verhoudingen maar kloppen. zo ook hiermee dus, ik gebruikte mijn koffiekopjes. verder gebruikte ik gewoon grote witte bonen uit blik)



nieuw zeer

het lijkt steeds moeilijker te worden dat mijn zusje zo ver weg woont. 'zo ver' is natuurlijk heel betrekkelijk, want het is haarlem en geen sydney. maar haarlem is ook geen utrecht en ik vind alles te ver zolang ik niet met haar in één huis woon. lisa is de perfecte zus, in bijna alles. we hebben wel eens, best vaak eigenlijk, ruzie maar dat duurt nooit lang en gaat gek genoeg altijd om belachelijk onbelangrijke dingen. 

het is raar dat ze voor mijn gevoel nog steeds mijn kleine zusje is terwijl ze al een hele tijd op zichzelf woont en heel volwassen is maar ik vermoed dat dat ons hele leven zo blijft. mijn oma heeft dat nog steeds met haar zus en zij is bijna tachtig. 

als ik bij lisa ben vind ik het altijd zo bijzonder om te zien hoe goed het met haar gaat, hoe verstandig ze is en ook om te merken hoe leuk de mensen om haar heen haar vinden. bij marqt of lush bijvoorbeeld, waar ze werkt. ik ben dan, en eigenlijk altijd, zo ontzettend trots en blij dat ik bij haar hoor. 
we zijn in veel dingen precies hetzelfde, onder andere qua garderobe, maar ook heel verschillend. we hebben totaal andere karakters en ik denk dat dat juist goed is. ik kan veel leren van de manier waarop zij met moeilijke dingen omgaat en zij vast ook wel eens iets van mij. zoals lies al een keer treffend zei: ik voel me altijd zo half zonder jou. en zonder overdrijven is dat precies hoe het voelt. ik ben ook veel meer mezelf als ik bij haar ben, zo is het gewoon. 

afgelopen dagen was ik dus bij lies in haarlem. geweldige stad, en een plek waar ik best graag zou willen wonen. je merkt duidelijk dat het dicht bij amsterdam is, vooral qua winkels en horeca. waar utrecht, vind ik in ieder geval, heel behoudend is vind ik haarlem echt een openbaring wat originaliteit betreft. we aten zondag goddelijke pompoensoep bij de mooije benjamin, een van de leukste plekken van de stad. behalve heerlijke soep, sapjes en broodjes hebben ze daar ook lieve bediening én koffie van boot. helemaal op mijn lijf geschreven dus. daarna hadden we afgesproken met vriendinnen van lies bij meneer paprika, een speelgoedwinkel met café waar vooral heel erg veel kinderen zijn. en waar ze blijkbaar hele leuke stoeltjes verkopen. 

afgezien van het noodweer (in een paar uur veranderde de stad in rusland) was het heerlijk om een paar dagen in haarlem te zijn. maar was het vreselijk om lies weer achter te laten, hoe  ik het ook wend, keer of relativeer. toch tijd om te verhuizen misschien?






zaterdag 19 januari 2013

grijze muisjes

nadat ik vanmorgen het stuk van aaf brandt corstius in het volkskrant magazine over joggen las, ging ik ook maar braaf op weg (goede terugkeer van het woord joggen trouwens, die hou ik er in. veel meer van toepassing dan hardlopen als je mij ziet bewegen namelijk). ik dacht tijdens het lopen aan van alles, en onder andere aan anijsmelk. dat wilde ik wel weer eens, maar dan niet die blokjes suiker uit de supermarkt maar zelfgemaakt. en dat je dan niet moet zeven enzo want daar heb ik toch geen zin in. in een thee-ei dus, die anijszaadjes, of in een theefilter. ik vond het boven verwachting lekker, terwijl ik helemaal geen warme melk-persoon ben. (dat klinkt trouwens wel heel treurig, een warme melk-persoon. zouden die bestaan?)

doe een glas (plantaardige) melk naar keuze (ik gebruikte gewone ongezoete sojamelk) in een steelpannetje met eventueel een paar druppels stevia en een thee-ei of theefilter met een halve theelepel anijszaadjes. ik deed er nu ook twee gekneusde kardemompeulen bij. maak op laag vuur warm en zet even weg zodat de smaak goed kan intrekken. warm daarna opnieuw even op, zorg dat het niet overkookt, bestrooi eventueel nog met een beetje kardemompoeder, en drink het met muziek en een dekentje op de bank op. speaking of comfort. 

(ik kocht de anijszaadjes bij de groene winkel maar je kunt ze behalve bij natuurwinkels ook vaak bij marokkaanse of turkse winkels kopen. ze worden muisjes genoemd omdat de zaadjes iets hebben wat er een beetje uitziet als een staart. grijze muisjes in dit geval dus, nog zonder gekleurd suikerlaagje. na het maken van de melk ben ik begonnen met het lezen van de genezing van de krekel van toon tellegen, een boek dat ik gisteren naar aanleiding van een stukje op mijn blog kreeg van een bijzonder iemand. de voorkant, de schrijver en het onderwerp beloven veel goeds)






donderdag 17 januari 2013

dubbele verwarming

ik snap het niet. mensen die van kou houden, van sneeuw ook. die het hééééérlijk vinden, en zóóóóó mooi, die wóndere witte wereld. mooi ja, als je binnen kunt blijven. ik wil heel erg graag dat het ophoudt en dat ik weer gewoon onoplettend naar mijn werk kan fietsen in plaats van als een verkrampte bejaarde de bus in te schuifelen en daar opeengepakt te staan (!) met de rest van laf utrecht. sinds ik dinsdag het woord lente in een sms las, is mijn verlangen naar een nieuw seizoen ongeveer verduizendvoudigd. 

om een beetje op te warmen maakte ik vandaag broccolisoep, met veel chilivlokken. behalve dubbel verwarmd door de gember en chili voel ik me altijd extreem gezond als ik broccoli eet én vind ik deze soep echt heel lekker, vooral door de avocado. als je niet van pittig houdt of niet zit te wachten op extra warmte kun je de chili weglaten. 

fruit in een grote pan met kokosolie of andere olie een of twee uien met twee tenen grof gehakte knoflook, wat plakjes gember en wat (veel!) chilivlokken tot de ui mooi zacht is. voeg dan twee grote stronken in stukken gesneden broccoli toe en bak even mee. snijd een grote appel in stukken en doe samen met genoeg water tot alles net onder water staat bij de broccoli. kook tot je makkelijk in de broccoli kunt prikken en pureer het geheel samen met twee flinke lepels misopasta, wat munt en een avocado mooi glad. serveer gloeiend heet met wat platte peterselie als je dat hebt, wat pitten, een beetje citroensap en een scheutje lekkere olijfolie

(zoals met alle soep: hoe kleiner je de groenten snijdt, hoe sneller het gaar is. laat het in dit geval niet te lang koken, dan wordt de broccoli bruin en minder lekker. als je geen miso hebt kun je ook gewoon bouillon (blokjes) gebruiken. miso kun je bij elke toko en in veel natuurwinkels kopen)




 


maandag 14 januari 2013

chai spiced shortcut

ik hou van snel en makkelijk, zo veel is vast al duidelijk geworden. shortcuts dus, bij gebrek aan een goed nederlands woord. zo ook voor deze muesli, granola, of hoe je het ook wilt noemen. deze muesli is net zo knapperig als de echte allemansvriend cruesli maar dan zonder de enorme hoeveelheid suiker en andere toevoegingen.

omdat natuurwinkelmuesli duur is en ik muesli met chaikruiden lekker vond klinken, maakte ik het zelf. als basis gebruikte ik vier koren-vlokken van de groene winkel en een zakje chai van yogi. dat zijn alleen maar kruiden, er zit dus geen thee in. let daar wel op als je chai koopt want dat verschilt per merk, en ik denk niet dat het lekker is om op theeblaadjes te kauwen. dit is een van de vele variaties, je kunt je muesli helemaal naar eigen smaak samenstellen. zorg wel dat je gedroogde vruchten zoals rozijnen pas toevoegt nadat het in de oven is geweest want die verbranden meteen en dan eindig je met bittere ellende. letterlijk.

doe voor een pot muesli ongeveer een halve zak vier koren-vlokken, wat gemengde ongebrande noten en/of pitten, twee opengeknipte zakjes chai, wat extra kaneel, zwarte peper en gemberpoeder, een handje gierst, wat kokosolie en wat agavesiroop, honing of ahornsiroop. meng alles goed en spreid uit op een bakplaat. doe in de oven op honderdtachtig graden en hussel af en toe om. de muesli is klaar als het lichtbruin is, duurt ongeveer twintig minuten. als het is afgekoeld kun je er nog wat rozijnen en wat in stukjes gesneden dadels doorheen doen. 

(ik doe de muesli in een weckpot of andere glazen pot (de grote appelmoespotten zijn heel geschikt, net als de grote notenpastapotten, bewaren dus!) en doe er een etiket op om het af te maken. ook een goed cadeau trouwens. in plaats van vier-koren vlokken kun je bijvoorbeeld ook zeven koren-vlokken gebruiken, of gewoon havervlokken en de gierst kun je ook makkelijk weglaten)






zondag 13 januari 2013

modeziekte

opeens vallen er woorden als genezingsproces en afbouwen tijdens therapie. dat is even wennen na een hele tijd waarin ik het gevoel had dat ik geen stap vooruit kwam, ondanks al dat gepraat. ongeveer een anderhalf jaar geleden was ik op mijn laagste gewicht en hing de dreiging van opgenomen worden in een kliniek boven mijn hoofd. dat wilde ik niet, en dat is licht uitgedrukt. alles in me zei dat ik dat niet moest doen, dat ik op mijn eigen manier beter moest worden. bijna alles in me, want toch twijfelde ik voortdurend. ik heb alle folders en boeken over klinieken gelezen en zelfs een telefonisch intakegesprek gehad met de eetstoornisafdeling van een ziekenhuis in de buurt. na dat gesprek was ik alleen maar gesterkt in mijn idee dat een opname voor mij geen optie was, niet echt. afgezien van het feit dat je voortdurend in een groep bent (voor iemand die graag alleen is, echt een schrikbeeld), ongeveer de hele dag therapie hebt, allerlei dingen moet eten waar je niet achter staat (niet alleen mijn eetstoornis niet, ik ook niet) en je hele leven op pauze moet tijdens je opname leek het grootste probleem me de periode erna. ik ben er van overtuigd dat ik zou zijn aangekomen in een kliniek, omdat ik gezagsgetrouw ben en ik braaf zou doen wat me opgedragen werd. dat heeft alleen niet zo veel met beter worden te maken geloof ik. fysiek beter ja, en natuurlijk zal dan ook een deel van je geestelijke problemen minder worden. maar echt van binnenuit beter worden op mijn eigen manier, wat ik nu hopelijk aan het doen ben, heeft me altijd verreweg het beste geleken. en ik ben zo ontzettend dankbaar en blij dat het niet nodig is geweest. dat mijn lichaam het vol heeft gehouden, dat ik niet gedwongen opgenomen ben en dat ik me ook niet heb laten overhalen om het toch maar wel te doen. dankbaar is het goede woord want ik heb blijkbaar een sterk lichaam dat het allemaal heeft volgehouden, hoe slecht ik er ook voor zorgde. je hebt natuurlijk niets te zeggen over de sterkte van je lichaam en het volhouden is dan ook niet mijn verdienste of een prestatie, het is gewoon geluk. een keer flauwvallen was al genoeg geweest, dan was het allemaal anders gelopen. 

wat voor mij heel veel verschil heeft gemaakt is de objectieve vaststelling dat ik depressief was. dat had mijn therapeute wel eens gesuggereerd maar daar had ik niet bepaald oren naar. aanstellerij, modeziekte: doe ik niet aan. toen ik toch maar een afspraak maakte met de psychiater die aan human concern verbonden is, was zijn diagnose wel heel duidelijk. 'je bent gewoon hartstikke despressief', waren zo ongeveer zijn eerste woorden na het horen van mijn verhaal. de ópluchting die dat gaf! het had een naam, het werd gezegd door een slimme deskundige man en niet door iemand die van me hield en, het allerbeste kwam nog, er zijn pillen tegen. 

hoewel ik in eerste instantie nooit had gedacht dat ik zou beginnen aan antidepressiva, was ik ondertussen zo wanhopig geworden dat ik alles wel wilde proberen. nu zijn er honderden soorten pillen dus was het even zoeken naar de goede. een paar weken nadat ik een nieuwe combinatie aan het proberen was bleek het inderdaad te werken. depressief zijn kun je niet uitleggen. natuurlijk is het een modeziekte en roepen mensen veel te makkelijk dat ze depressief zijn als ze een slechte dag hebben, of twee. maar dit was anders. ik was nog steeds bepaald geen zonnetje maar een goed voorbeeld was dat ik al maanden iedere morgen huilend opstond en dat na een paar weken gewoon ophield. alsof de zwarte wolk in mijn hoofd langzaam een beetje wegtrok, het in ieder geval grijs werd en iets helderder. toen het allemaal een beetje stabiliseerde en ik wat rustiger werd, kon ik me eindelijk concentreren op mijn andere problemen. 

nu gaat het allemaal een stuk beter maar die pillen blijf ik voorlopig slikken. zoals mijn psychiater zei: mensen met een depressie maken een stofje in hun hersenen niet aan wat gezonde mensen wel aanmaken en dat vervang je door antidepressiva. zo simpel is het. niets meer en niets minder. daar hou ik me aan vast, ik ben er van overtuigd dat hij weet wat het beste is. ik vond het niet makkelijk om te beginnen met die pillen en vind het nog steeds geen fijn idee. daarom stoor ik me wel eens aan mensen die zeggen dat ze 'nooit aan die troep zouden beginnen', vinden dat je zelf je problemen moet oplossen en met antidepressiva kiest voor de makkelijke weg. ze moesten eens weten. die problemen moet je natuurlijk zelf oplossen en geloof me, die waren er nog in overvloed. om dat te kunnen doen moet je alleen wel normaal en helder kunnen nadenken en dat lukt niet als je de hele dag aan het proberen bent om niet in huilen uit te barsten en bent vergeten waarom je wilt opstaan, laat staan waarom je beter wilt worden. 

ik roep absoluut niet op tot medelijden met mij of anderen met een depressie, eetstoornis of andere ziekte. medelijden is het laatste waar, en laat ik voor mezelf spreken, ik op zit te wachten. een klein beetje minder oordeel zou wel fijn zijn, want begrip is veel te veel gevraagd als ik zélf niet eens snap hoe het allemaal zit. ik denk ook dat er een groot deel van de verantwoordelijkheid bij mij ligt. als ik niet eerlijk ben en niets vertel over mijn ziekte kan ik ook geen begrip van anderen verwachten. in stilte gaan zitten lijden onder het mom van geen aansteller of aandachttrekker willen zijn en het zelf op willen lossen is denk ik in veel gevallen niet bepaald de manier om beter te worden. iedereen doet het op zijn eigen manier, dat snap ik en dat moet ook. dit is mijn manier, niets meer dan dat.